| Preconceptioneel
Foliumzuur
'Slik extra foliumzuur vanaf minimaal
vier weken voor de conceptie en ga hier mee door tot je 10 weken zwanger
bent'. Zo luidt het advies dat in Nederland aan vrouwen met een kinderwens
wordt gegeven. Als je foliumzuur slikt, heeft je baby een kleinere
kans op aandoeningen van het zenuwstelsel, zoals een open ruggetje.
Maar wat is foliumzuur nu precies? En is het nu echt noodzakelijk
om het te slikken? We hebben alle feiten voor je op een rijtje gezet.
Als één of meerdere ruggenwervels zich niet volledig ontwikkelen noemen
we dat een Spina Bifida oftewel een open ruggetje. Doordat de sluiting
niet goed is verlopen komt het zenuwstelsel (gedeeltelijk) bloot te
liggen. De ernst van deze situatie hangt af van de hoeveelheid zenuwweefsel
die bloot ligt. De minst ernstige vorm is niet schadelijk: je ziet
een bruine, harige 'moedervlek' op het ruggetje zitten. Dit is een
teken dat de neuraalbuis zich op een laat tijdstip gesloten heeft.
De ernstigste vorm is wanneer er een breuk zit in het zenuwstelsel.
Dit gebeurt er in de buik
Normaal gesproken sluit de neuraalbuis zich vier weken na de conceptie.
Je bent dan zes weken zwanger. Om dit goed te doen verlopen heeft
het embryo foliumzuur nodig. Als er niet genoeg foliumzuur aanwezig
is, kan dit problemen geven. Daarbij komt nog eens dat de nieren van
een zwangere vrouw vier maal zoveel foliumzuur uit het bloed filteren
dan dat ze doen wanneer je niet zwanger bent. Je hebt als zwangere
dus snel een tekort aan foliumzuur wanneer je geen supplementen slikt.
Wanneer begin je?
Begin met het slikken van foliumzuur (ook bekend als vitamine B11)
zodra je zwanger wilt worden. Zorg ervoor dat je het liefst al minimaal
vier weken foliumzuur hebt geslikt voordat je zwanger wordt. Dus als
je stopt met je anticonceptie, ga dan gelijk foliumzuur slikken. 'Wacht'
met zwanger worden tot je de eerste natuurlijke menstruatie hebt gehad.
In die weken kun je condooms gebruiken als voorbehoedsmiddel. Je weet
dan zeker dat je op tijd begonnen bent met het slikken van foliumzuur.
Opeens zwanger
Wellicht kwam je opeens tot de ontdekking dat je al zwanger was, veel
sneller dan gepland en je slikte nog geen foliumzuur. Begin dan zo
snel mogelijk want alle beetjes zijn meegenomen. Overleg anders eventueel
met je huisarts of met ons. Eet bovendien veel foliumzuurrijk voedsel.
Dosering
Bij de apotheek of drogist kun je foliumzuur voor (zwangere) vrouwen
kopen. Lees de bijsluiter goed door en slik de dosis die wordt aanbevolen.
Iedere dag 0,4 tot 0,5 milligram foliumzuur is voldoende. Je kunt
foliumzuur op ieder moment van de dag innemen. Maar toch is het verstandig
om een vast tijdstip uit te kiezen. De kans is dan kleiner dat je
vergeet om je tabletjes in te nemen. Je hoeft niet bang te zijn voor
een overdosering. Vitamine B11 (want dat is foliumzuur) is in water
oplosbaar en eventueel teveel plas je dus gewoon uit.
Voor wie is foliumzuur geschikt?
Voor alle vrouwen die zwanger willen worden. Hoe gezond je ook bent,
hoe gezond je ook eet, slik toch foliumzuur. Vrouwen die een extra
risico lopen als ze zwanger raken en geen foliumzuur slikken zijn:
- Vrouwen die allergisch zijn voor
bijv. tarwe en koemelk
- Vrouwen die niet gevarieerd (eenzijdig)
eten
- Vrouwen met een te laag lichaamsgewicht
- Vrouwen die veel roken of zwaar
drinken
- Vrouwen die te veel stress hebben.
Miskraam
Het schijnt zo te zijn dat foliumzuur een rol speelt bij het voorkomen
van miskramen. Vrouwen die al enkele miskramen hadden gehad, bleken
lagere concentraties foliumzuur in hun bloed te hebben dan vrouwen
die nog nooit een miskraam hadden gehad. Zelfs het krijgen van een
kind met het syndroom van Down zou in verband kunnen staan met een
tekort aan foliumzuur, zo blijkt uit nieuw onderzoek.
Foliumzuur in de voeding
Foliumzuur komt in normaal voedsel voor maar alleen niet voldoende.
Als je als aanstaande moeder het foliumzuur uit normaal eten zou moeten
halen, zou je wel 30 bruine boterhammen op een dag moeten eten...
Eet smakelijk!
Bronnen van foliumzuur
Foliumzuur komt vooral voor in (groene) groenten, maar ook in brood,
aardappelen, (orgaan-)vlees en zuivelproducten. Consumptiecijfers
in Nederland laten zien dat het meeste foliumzuur wordt geleverd door
groenten (23%), brood (19%), zuivel (15%) en vlees (11%).
Foliumzuurgehaltes van voedingsmiddelen
|
Product |
Gehalte
(microgram per 100 gram) |
Bijdrage
microgram per gemiddelde verstrekkingseenheid1 |
|
Andijvie |
42 |
21
(1 grote eetlepel; circa 50 g) |
|
Sla |
43 |
15
(1 schaaltje; circa 35 g) |
|
Spinazie |
83 |
42
(1 grote eetlepel; circa 50 g) |
|
Broccoli |
65 |
33
(1 grote eetlepel; circa 50 g) |
|
Bloemkool |
55 |
27
(1 grote eetlepel; circa 50 g) |
|
Boerenkool |
50 |
25
(1 grote eetlepel; circa 50 g) |
|
Tuinbonen |
150 |
75
(1 grote eetlepel; circa 50 g) |
|
Aardbeien |
65 |
65
(1 schaaltje; circa 100 g) |
|
Asperges |
56 |
28
(5 stuks; circa 50 g) |
|
Sinaasappelsap |
20 |
20
(1 glas; circa 100 ml) |
|
|
|
|
|
Aardappelen |
circa
10 |
5
(1 grote eetlepel; circa 50 g) |
|
|
|
|
|
Brood
(wit-/bruin-) |
circa
25 |
10
(1 snee; circa 35 g) |
|
Volkorenbrood |
circa
40 |
14
(1 snee; circa 35 g) |
|
Tarwekiemen |
90 |
5
(1 eetlepel; circa 6 g) |
|
Tarwezemelen |
47 |
3
(1 eetlepel; circa 6 g) |
|
Muesli |
10 |
1
(1 eetlepel; circa 10 g) |
|
Amandelen
en krenten |
104 |
10
(1 eetlepel; circa 10 g) |
|
|
|
|
|
Melk |
circa
5 |
10
(1 glas; circa 150 ml) |
|
Kippenei
(gekookt) |
42 |
20
(1 stuk; circa 50 g) |
|
Brie |
38 |
4
(per 1 toostje; circa 10 g) |
|
Hollandse
kaas |
circa
10 |
2
(per plak; circa 20 g) |
|
|
|
|
|
Lever
(rund/kalf/kip)2 |
circa
1000 |
750
(1 stukje; circa 75 g) |
|
Leverworst2 |
207 |
30
(1 snee; circa 15 g) |
|
Paté2 |
150 |
15
(per 1 toostje; circa 10 g) |
1) gebaseerd op de gebruikelijke verstrekkingseenheden
zoals vermeld in de Dieettabel van het Voedingscentrum.
2) Lever, leverworst en paté bevatten hoge vitamine A-gehaltes die
schadelijk kunnen zijn voor ongeboren kinderen. Zwangere vrouwen raden
we daarom aan geen lever te gebruiken en de consumptie van leverproducten
te beperken.
Invloed van bewaren en bereiden
Door bewaren en bereiden kan meer dan 50% van het foliumzuurgehalte
van voedingsmiddelen verloren gaan. Dit gebeurt vooral via het kookvocht
en afbraak door bijvoorbeeld verhitting. Het verlies kan op die manier
oplopen tot 80%. Ook bij invriezen en ontdooien kan 0-40% foliumzuur
via smeltvocht verloren gaan. Dit verlies wordt deels tenietgedaan
als het smeltvocht niet wordt weggegooid maar in het bereide voedingsmiddel
terechtkomt en wordt gegeten.
Naast de manier van bereiding hebben ook de structuur van het product
en het vitamine C-gehalte invloed op de hoeveelheid foliumzuur die
verloren gaat. Bij compacte producten zoals vlees en aardappelen is
het verlies door bewaren en bereiden kleiner dan bij producten met
een 'losse' structuur zoals bladgroenten (spinazie, maar ook broccoli).
Producten met meer vitamine C houden bij verhitting meer foliumzuur
vast dan producten met een lager gehalte vitamine C.
Als praktisch bereidingsadvies geldt daarom voedingsmiddelen bij het
koken zo kort mogelijk te verhitten in zo min mogelijk water. Dit
beperkt de hoeveelheid foliumzuur die via het kookvocht verloren gaat.
Bij stomen en bereiding in de magnetron is het verlies aan foliumzuur
nog iets kleiner. In de magnetron gaat namelijk 0-40% van het foliumzuur
verloren.
De man ook aan foliumzuur?
Als je als vrouw met een kinderwens foliumzuur slikt loopt je kindje
minder kans op aandoeningen van het zenuwstelsel, zoals een open ruggetje.
Uit onderzoek is nu gebleken dat het slikken van foliumzuur in combinatie
met zink ook een positieve rol kan spelen bij de spermakwaliteit van
de man.
Aan het onderzoek - verricht door de Universiteit van Nijmegen - deden
ruim 100 mannen mee van wie de vrouw al zwanger was en ruim 100 verminderd
vruchtbare mannen. Bij de groep mannen met een verminderde vruchtbaarheid
nam het aantal zaadcellen, na een half jaar slikken van een hoge concentratie
foliumzuur en zink, met 74 procent toe. Hetzelfde was het geval bij
de vruchtbare mannen, misschien minder opzienbarend, maar toch zo'n
10 procent stijging van het aantal zaadcellen.
Ongewild kinderloos
In Nederland is ongeveer 15 procent van de paren ongewild kinderloos.
In eenderde van de gevallen ligt de oorzaak bij de vrouw, in eenderde
bij de man en in eenderde bij beide partijen. Bij mannelijke verminderde
vruchtbaarheid kunnen naast de genetische factoren ook omgevingsfactoren
een rol spelen: alcohol, roken, drugs, sommige antibiotica, medicijnen
en beroepsmatige blootstelling aan giftige stoffen.
Abnormale zaadcellen
De onderzoekers willen nog niet zo ver gaan om bij een geplande zwangerschap
de mannen te adviseren ook aan het foliumzuur te gaan. Ze zagen wel
een sterke toename in het aantal zaadcellen na gebruik van foliumzuur
en zink maar ook een toename van 4 procent aan abnormale zaadcellen.
Hiermee bedoelen zij zaadcellen met een afwijkende kop, middendeel
of staartstuk. Zij weten echter nog niet of abnormaal gevormde zaadcellen
ook daadwerkelijk vaker leiden tot miskramen of aangeboren afwijkingen
bij het kind.
Foliumzuur op natuurlijke wijze
Extra foliumzuur slikken wordt mannen daarom (nog) niet aangeraden.
Mannen kunnen daarentegen best wat doen om de vruchtbaarheid misschien
wat op te krikken. Een goede, gevarieerde voeding waarbij de opname
van foliumzuur op natuurlijke wijze verhoogd wordt bijvoorbeeld. Men
moet dan denken aan voedingsmiddelen als vlees, melk, peulvruchten,
bloemkool, broccoli en groene bladgroenten zoals spinazie en andijvie
(zie voedingstabel hierboven).
|